Greet en Laurent

Eind 2014 zijn Laurent en ik beginnen opvangen. Een verhaal op het internet over een opvanggezin voor katten in het Limburgse sprak me erg aan en ik wou ook zoiets doen. Wat surfen leerde me dat er in het Gentse een gelijkaardige organisatie bestond: Kat Zoekt Thuis. Een mailtje verder, kwam Melanie kennismaken en uitleggen hoe de vzw werkt. Ik was er nog meer van overtuigd dat ik dit wou doen. Na enkele weken werden we een nieuw opvanggezin bij Kat Zoekt Thuis in Gent.

 

Ons eerste “nestje” arriveerde, en het werd meteen onze vuurdoop. Tot dan had ik me niet echt gerealiseerd dat er schuwe katten zonder vertrouwen in mensen bestonden. En wat dat betekende. Bij het manoeuvreren van de moederpoes, één ouder kitten van 5 maanden en 4 kittens van een week of acht in de ruime hondenbench in de opvangkamer, ontsnapte één van de kleintjes. Toen ik het gezwind wou optillen, leverde me dat meteen een fikse beet op, gelukkig van nog kleine tandjes. Niet alle katten zijn automatisch aaibaar en hanteerbaar… Het was het begin van een moeizaam proces. Vele uren werden doorgebracht naast de bench, met het aanbieden van lekkere hapjes uit de hand, met het spelen met hengels en balletjes of zelfs gewoon wat babbelend. Het was snel duidelijk dat de moederpoes en het oudere kitten moeilijk te socialiseren zouden zijn, dus werd voor hen een uitzetlocatie gezocht en gevonden. Ze mochten na sterilisatie en vaccins vertrekken naar een thuis in landelijk gebied, met stallen om in te schuilen en mensen die beloofden steeds voer en water te voorzien. Voor de vier kleintjes werden de inspanningen verder volgehouden. Zelfs onze eigen huiskat kwam helpen en ontfermde zich als een moederpoes over hen. En het kwam goed. De eerste keer dat een kleintje zich liet aaien en vooral de eerste keer dat er eentje keihard begon bij te spinnen, waren dagen dat we op wolkjes rondliepen.

Ondertussen zijn we een paar jaar en een tachtig opvangkatten verder. Sommige al bejaard, andere net geboren. Sommige heel schuw net zoals de eerste, andere hypersociaal. Sommige kerngezond zodat ze na 2 weken alweer konden vertrekken naar een nieuw leven, anderen met de ene kwaal na de andere, waaraan pilletjes, siroop, oogzalfjes of zelfs dwangvoederen te pas komen. Je wordt in een dergelijke periode werkelijk kind aan huis bij de dierenartsen van Kat Zoekt Thuis. De steun die je van hen krijgt, is niet te overtreffen, net zoals die van je buddy die je steeds kan bellen om ideeën te toetsen of gewoon wat stoom af te laten. Eigenlijk staat de hele vzw altijd klaar en wordt er voor elk probleem zo snel mogelijk een oplossing gezocht.

Het vervelendste aan het opvangen van katten is het poetsen, vooral in periodes van ziektes, en het dagelijks leegscheppen van kattenbakken. Afscheid nemen van katjes wanneer ze geadopteerd worden, is evenmin gemakkelijk – zo zijn er ondertussen toch twee blijven “plakken”. Het leukste is de voldoening als het helemaal goed komt, wanneer katjes je beginnen vertrouwen of helemaal gezond worden. Of wanneer je kennis maakt met geweldige adoptanten en je nadien verhalen en foto’s krijgt. In elk geval zijn wij niet onmiddellijk van plan om ermee te stoppen…